Hoe het CBR ons misleidde! (3/6)

Het CBR handelt misleidend én sturend in de marketing/communicatie naar de consument door het gebruik van een vals slagingspercentage. Naar de buitenwereld wordt handig gebruik gemaakt van het vertrouwen dat ouders én leerlingen hebben in de door het CBR gepubliceerde en verspreide slagingspercentages die een goede afspiegeling moet zijn van de kwaliteit van de rijschool.

Maar het slagingspercentage is vals en wordt door het CBR gemanipuleerd….:

  • Er worden structureel onvoldoende betrouwbare parameters gebruikt voor de berekening van een betrouwbaar slagingspercentage. Zo wordt er geen enkele rekening gehouden met het aantal geleste uren, omdat deze niet worden ingevoerd door rijscholen….
  • Er wordt in het slagingspercentage geen rekening gehouden met het effect van de onrechtmatige bevoordeling door een eventuele vrijstelling voor de Bijzondere Verrichtingen bij de Tussentijdse Toets te geven. Dat heeft een ‘ongewenst’ positief effect op het eerste Praktijkexamen; hierdoor is er geen objectieve meting van Praktijkexamens….
  • Rijscholen die ‘slechte’ leerlingen rechtstreeks bij het CBR een praktijkexamen laten reserveren kunnen het slagingspercentage eenvoudig beïnvloeden. Een negatief resultaat telt dan niet mee in de wegingsfactoren en wordt omzeild.
  • De Tussentijdse Toets wordt door de branche gezien als een ‘proefexamen’, maar dit effect wordt niet ‘meegewogen’ in het slagingspercentage…
  • Uit onderzoek is gebleken dat de afdeling Planning bij kritische, kleine rijscholen examinatoren in kan plannen die een negatief effect hebben op het slagingspercentage.
  • Binnen de rijscholengroep in Enschede is al jaren bekend dat rijscholen die zich niet onderwerpen aan het verkopen van de Tussentijdse Toets een hogere kans hebben op een negatief resultaat voor de eerste examenpoging.
Quote uit reactie directeur Bedrijfsvoering CBR in september 2021